20 mei 2010
Het is een versleten grap. Hij is nooit echt sterk geweest maar alla.
“In Belgisch Limburg is het langer klaar. Daarom is er ook een dorp met de naam Lanklaar.” Met klaar wordt in volwaardig Vlaams, licht bedoeld. Het is er langer licht.
De mensen nemen er de tijd.
Men praat er ook langzamer, zeker in Lanklaar.
Op dit ogenblik trek ik door de euregio met een soort van road-show.
In show verpakte informatiebijeenkomsten over de plannen van culturele hoofdstad.
Sittard, Maastricht, Eupen, Luik en vorige week Hasselt.
Zo’n avond bestaat uit twee delen.
Voor de pauze interview ik kunstenaars en mensen uit het culturele veld.
Na de pauze ontspint zich een debat met het publiek.
Van mijn gasten wil ik onder andere weten of het überhaupt zinvol is dat Maastricht Culturele Hoofdstad zich tot de euregio Maas-Rijn verhoudt. En zo ja, wat zo’n gebied, voor het werk dat zij maken, betekent.
Telkens weer erkennen mijn gasten dat ze eigenlijk te weinig betrokken zijn bij wat er over de nabij gelegen grenzen gebeurd.
En telkens weer beschrijven ze in één adem door dat die onbekende bekende cultuur van vlakbij inspireert en uitdaagt.
It’s a long way to Tipperary.
Een theatermaker zei: niet dat ik persé met de rug naar Brussel of Amsterdam wil staan, maar de punt van mijn passer staat nu eenmaal hier. Ik moet daar iets mee.
En een popmuzikant hield een betoog over de kwaliteit van het langzame.
Het langzame karakter van dit gebied moet gekoesterd worden. En de euregio? Die biedt een variatie aan soorten van langzaamheid.
Het langzame karakter van dit gebied moet niet als teken van minderwaardigheid gevoeld worden, integendeel, het is ons grootste kapitaal.
Aldus een door half Europa reizende musicus op een gedenkwaardige avond in Hasselt op zoek naar wat het wezen van dit gebied is.
Het dorpje Lanklaar zullen we in de euregiotour als veredelde halteplaats opnemen.
Guido Wevers