De Sgt. Pepper’s
van Victor Meijer
Kunstenaar Victor Meijer maakte naam met het portret van Hendrik Groen op de cover van diens geheime dagboek. Uitgevers over de hele wereld namen zijn tekening over. Theater aan het Vrijthof vroeg Meijer een beeldend antwoord op de vraag Hoe nu mens te zijn? in deze barre tijden. Door Emile Hollman

Victor Meijer schrok niet eens zo erg van de nogal beladen vraag. ‘Misschien omdat die van een theater kwam. Ik heb vroeger veel voor het toneel geschreven en werk nu ook weer aan een voorstelling. Destijds maakten we theater met kinderen die in een asielopvang terechtkwamen en moesten wachten op uitsluitsel. Voor mij was dat een inspirerende tijd omdat het theater zo een plek werd waar iedereen samen kon komen en waar zaken stevig bevraagd en bediscussieerd konden worden. Dat is wel weer een beetje gaan borrelen met de vraag uit Maastricht.’
Al jaren kiest Theater aan het Vrijthof ervoor om het belang van theater en cultuur uit te leggen aan de hand van een thema. Theater Verlicht is de achterliggende gedachte, maar hoe dan? De afgelopen jaren werd het thema belicht door fotograaf Hugo Thomassen. In de voorbije edities werd een grafisch antwoord gegeven op de stelling dat theater een ander perspectief biedt. Aan Victor Meijer werd dus de vraag voorgelegd hoe in deze tijd mens te zijn. Zijn getekende antwoord krijgt een plek op de cover van de theaterbrochure en in de seizoenscampagne.
Meijer werd ter inspiratie van alles en nog wat in de schoot geworpen: klimaat, artificiële intelligentie, diversiteit en inclusie, Big Tech, wereldpolitiek, de vrijheid en de drang naar schoonheid en perfectie. Je zou door minder van de sokken worden geblazen, maar Meijer wist meteen waar hij moest beginnen. Hij componeerde een drieluik waarin hij evenzo vaak het theater als podiumbak voorstelt. Daarin tekende hij – als te doen gebruikelijk – zeer gedetailleerd een reeks figuren, een tableau de la troupe, die te koop lopen met hun kunsten, angsten, ideeën en commentaren. Je ziet ze te midden van een urbane wereld met veel verwijzingen naar Big Tech. Zelfs Trump ontbreekt niet, al wordt hij voorgesteld als een kleuter op een tank. ‘Ik ben zelf niet zo van de politieke prent,’ zegt Meijer. ‘Trump is er een beetje ingeslopen. Maar de robothonden op het dak van het theater vind ik zelf best politiek geladen.’
Je zou denken dat je begint door de vraag ‘hoe nu mens te zijn?’ eerst voor jezelf te beantwoorden. De tekenaar doet dat door meteen te gaan tekenen. ‘Ik ben niet zo van een concept ontwikkelen en dat vervolgens braaf te gaan invullen. Al tekenend kom je op een absurde sfeer waarbinnen allerlei figuren en ideeën tot hun recht kunnen komen. Vervolgens heb ik die als in een collage bij elkaar gezet.’
Hoe voelt het voor Meijer om in tijden van oorlog mens te zijn? ‘Eerlijk gezegd heb ik wel een neiging tot struisvogelgedrag. Hoe erger het wordt, hoe minder zin ik heb om er kennis van te nemen. Vooral omdat ik me heel erg machteloos voel. Eerst denk je nog dat Trump de zoveelste wereldleider is die verhult dat hij een machtswellusteling is, maar altijd weer blijkt het nog weer even erger te kunnen. Ik heb geen oplossing, ik zou niet weten hoe ik hierop zou moeten reflecteren in constructieve zin.’
Dat is hem met potlood anders wel gelukt. ‘Ik laat vooral zien wat het is. En dat de kracht van de verbeelding misschien iets kan betekenen.’ Het eerste beeld dat hij neerzette, is dat van een man met vleugels op de rug met een doodshoofd in zijn handen waarop lippenstift zit. ‘Dat vond ik wel een heel tof beeld. Een knipoog naar Hamlet. De question is niet 'to be or not to be' maar 'wie zal ik zijn?'. Een geintje, omdat het met theater te maken heeft en verwijst naar het discours over gender.’
De details in zijn drieluik doen soms denken aan de wereld van Jeroen Bosch. Zoals een figuur met een vissenkom in plaats van een hoofd, een man met het hoofd in de wolken, een smalle conciërge met zulke lange armen dat hij een lamp in het plafond kan indraaien. Een ijsbeer op de laatste ijsschots, een vuurtoren, een kraag als rekwisiet uit Shakespeare of de frêle fee die verliefd wordt op een ezel – een verwijzing naar Een midzomernachtdroom, waarin een van de feeën het hoofd van een acteur verandert in dat van een ezel. Hier schuilt de troost. Zelfs de Italiaanse stripfiguur Cocco Bill van Benito Jacovitti doemt op. ‘Het zijn allemaal figuren waar nog plek voor is in een theater; het theater als ideale plek waar alles en iedereen samen kan komen. Waar je met een beetje branie provocatief mag zijn zonder dat je er meteen op wordt afgerekend.’
Wie goed kijkt in het werk van Victor Meijer, ontwaart ook satellieten, robothonden, een bliksemschicht, kortsluiting. De technologie heeft in elk geval zijn intrede gedaan in deze wereld. Er valt veel in te zien en het is aantrekkelijk om ernaar te kijken. ‘Het accent ligt bij mij primair op het kijkplezier. Het is een beetje een collage geworden, mijn Sgt. Pepper’s.’